Rafael, Salão Beleza

De laatste jaren hebben zich steeds meer Brazilianen gevestigd in Suriname. Brazilian. Goudzoekers. Vorig jaar waren er zo’n 40.000 geregistreerd, maar ook de politiek zegt te denken dat het er veel en veel meer zijn. En de groep is groeiende. Tegelijk met hun aanwezigheid vind je hier nu ook Braziliaanse restaurants, Braziliaanse supermarkten, Braziliaanse cafés en natuurlijk: Vrouwen! Braziliaanse vrouwen!

Op een aantal plekken in Paramaribo  is daarom een heel nieuw fenomeen ontstaan. De Salão Beleza. Want deze Braziliaanse vrouwen, dat zijn de Copacabana Girls! Je weet wel, die meisjes die in prachtig gebruinde glanzende lijven over de stranden van Rio de Janeiro paraderen. Alles stevig en op z’n plek. Rond en gevormd. Met heel kleine bikini’s. Heel kleine bikini’s.

Nou, en die Copacabano Girls plegen graag groot onderhoud. Vinden ze heel belangrijk. En begrijpelijk. In zo’n Braziliaans tenue valt ook weinig te verbergen. Nu is het zo dat ik alleen schrijf over plekken waar ik zelf ben geweest. Anders ben ik niet geloofwaardig vind ik zelf. Dus moest ik er aan geloven en heb een afspraak gemaakt bij Salão Beleza Rafael, wat overigens “God heeft genezen” betekent. Ik ben door de Braziliaanse wasstraat gegaan.

Nou, mijn Lola heette Carmen. En Carmen liet er geen gras over groeien. Voor ik het wist lag ik op de bank en stond ze met haar houten stokje te zwaaien, Carmen kan toveren met was. Wax. Dacht ik de wenkbrauwen te laten epileren? Carmen heeft ze gewaxed! En daarnaast nog een paar andere plekken ontdaan van vegetatie.

Binnen een half uur was de klus geklaard en stond ik shiny and new weer buiten. Een tikkeltje beduusd. Dat dan wel. En me heel even afvragend wat er zo net nou toch allemaal is gebeurd? Maar al snel daarna zit ik schaterlachend in de auto. En zingend. Samba! Samba de Janeiro!

Bij de Salão kun je ook terecht voor je haar, je nagels, nou, alles voor het exterieur dus. En hoewel aan mijn Portugees nog wel wat gedaan kan worden, alles, hoefde ik me bij Carmen geen zorgen te maken. Carmen weet precies wat ze doet. Enjoy!

Salão Beleza Rafael

Anamoestraat 24C

telefoon 08727044 of 08881375

maandag t/m zaterdag 8.00 uur tot 21.00 uur

zondag 9.00 uur – 16.00 uur

ilse-in-switi-sranan

 

 

 

Halve was

Het is bijzonder warm hier in Suriname. Ik denk dat we dat wel zo mogen zeggen. Als je het weerbericht bekijkt lijkt het allemaal nog wel mee te vallen. Halfbewolkt, beetje regen, 33˚C, ’s nachts 26˚C. Klinkt op zich helemaal niet verkeerd. Alleen de luchtvochtigheid is hier ontzettend hoog, zo’n 97%. Zeker in het begin voelt het alsof de hitte op je ligt. Weleens in de kassen van de Hortus Botanicus geweest, bij Artis? Nou, zoiets, maar dan erger. En dat regenbuitje is meestal zo kort dat het ook niet echt afkoelt.

Tegen de hitte zag ik vorig jaar ook het meest op. Tweeëndertig jaar was ik niet in Suriname geweest. Zeven jaar jong was ik de laatste keer. Hoewel ik me lang niet alles kan herinneren, zal ik nooit het moment vergeten dat we het vliegtuig uitstapten om met de trap naar beneden te gaan. Alsof er een dikke, klamme, hete dweil op je wordt gegooid. En die heb ik twee weken lang bij me gedragen.

Vorig jaar echter, viel de hitte me alles mee. Ik was blijkbaar op het ergste voorbereid. In mijn hoofd het idee dat ik en een soort hete oven terecht zou komen waar het bijna onmogelijk zou zijn überhaupt adem te halen. Zo erg was het dus niet. Hoewel ik me er terdege van bewust was dat vakantie in de tropen nog wel iets anders is dan werken in de tropen.

En dan het huishouden. Gutsend van het zweet sta je hier schoon te maken. Zwetend en druipend. Even snel poetsen is er hier niet bij, althans, niet voor mij. Regelmatig pak ik een nieuwe zakdoek om het zweet van m’n gezicht te vegen.


Vorig jaar had ik papieren zakdoekjes bij me. Maar op een dag jaag je er makkelijk twee pakjes doorheen. Dat zou om een aardige investering vragen. Met name dit soort artikelen zijn hier ontzettend duur. Soms wel twee tot drie maal de prijs die in Nederland betaald wordt. En dan bedoel ik niet de Euroshopper prijs.

Zunig als ik ben heb ik bij de Zeeman een grote voorraad zakdoeken aangeschaft. En ik ben er zo blij mee! Trouwens, als ik sta schoon te maken laat ik ze in de kast, dan heb ik wel twee washandjes nodig en die zijn binnen een mum van tijd drijfnat. Bijvoorbeeld als je de was gaat doen.

De was doen is namelijk een bijzonderheid. Dat gaat in een halfautomaat. Een halfautomaat ziet er een beetje uit als een minimaatje vrieskist. Bovenop zitten twee kleppen en een soort dashboard. Onder de linker klep zit het wasgedeelte, een kleine wastrommel. Onder het rechtergedeelte zit een kleine centrifuge.

Op het dashboard zitten twee mechanische klokken, een soort kookwekkers. Eentje voor de wasmachine, gaat tot maximaal vijftien minuten, en een voor de centrifuge, maximaal vijf minuten. Aan de achterkant een slang waaruit het waswater weg kan lopen en op het dashboard een pijpje waarop een slang aangesloten kan worden om de machine te vullen. Dat werkt alleen niet, want de slang schiet steeds van de kraan af. De koppeling is namelijk van Chinese makelij. En dat is niet de beste, in ieder geval niet wat hier komt. Orichinees noemen ze dat.

Wat doe je dus? Nou, je schuift de machine in de douche. Gelukkig is die groot genoeg. Dit is niet alleen handig omdat je dan met de douchekop het wasgedeelte van water kan voorzien, maar ook omdat je het water hier weer kan laten weglopen.

Dan gaat het als volgt. Je laat de was, maximaal 2,5 kg, eerst in het wasgedeelte een kwartier draaien. Met zeep. Daarna uitwringen en in een grote emmer, maatje speciekuip, met spoelwater stoppen waarin je wasverzachter hebt gedaan.. In het wasgedeelte weer nieuwe was. Na de spoelemmer met wasverzachter komt de emmer zonder wasverzachter. Daarna gaat de was in de centrifuge. Zie hier een kleine wasfabriek.

Ik zou nu een hele verhandeling kunnen beginnen over de ridiculiteit van een halfautomatische wasmachine. Ik heb al eens eerder verteld dat ik wordt geplaagd door beroepsdeformatie. Daarop een kleine aanvulling. Niet alleen heb ik een broertje dood aan redundantie, ik kan ook zeer moeilijk leven met onvolledige processen.

Al wassend vraag ik mij ten eerste af wie in godsnaam zoiets bedenkt. Het is namelijk net zoiets als een auto die je maar halverwege brengt, een telefoon waarvan de microfoon werkt maar de luidspreker niet, een kopieermachine die alleen de linkerhelft afdrukt of een gasfornuis waarop je het eten slechts halfgaar kunt koken. De tweede vraag die rijst is wie zoiets in godsnaam produceert? In de 21e eeuw? Maar goed, die verhandeling zal ik je besparen.

Vijf uur later is alle was gedaan, het strandjurkje dat ik aan heb en mijn twee washandjes zijn doorweekt. Niet van het knoeien met water, maar van het zweet.

Ik besef me heel goed dat ik ontzettend verwend ben, maar stiekem kijk ik toch wel uit naar het moment dat we een eigen huis hebben, zodat we onze spullen over kunnen laten komen. En ik zal een mooi plekje maken voor de wasmachine. Volautomatisch welteverstaan.