Vrijdagavond. Eigenlijk een avond als alle anderen, in de auto op weg naar huis. Maar dan opeens in een flits schiet het me te binnen. Over vier dagen is onze retourvlucht naar Nederland. Heeft wat uitleg nodig. Ruim anderhalf jaar geleden zijn we geëmigreerd naar Suriname. Voor iemand als ik een enorm avontuur. Ik ben namelijk niet zo avontuurlijk aangelegd, houd eigenlijk helemaal niet van verandering. Zelfs het schuiven met meubilair in huis gaat mij al te ver. Het staat allemaal prima toch zo? Nou dan.
En hoewel het beslist uit vrije wil was, het ging allemaal niet zonder slag of stoot. Ik heb dramatisch veel last van heimwee gehad. ’s Nachts werd ik wakker en schrok me helemaal te pletter, nog net niet in paniek. Waar ben ik in godsnaam? Inslapen was een ramp. Maar had een trucje. Als ik mijn ogen maar stijf dichthield en net deed alsof ik in mijn eigen bed lag, ging het. Klinkt bizar, I know. En natuurlijk was mijn “eigen” bed niet meer mijn eigen bed, I know. Maar het hielp.
Ik had mezelf een jaar gegeven om te zien of het allemaal zou lukken. Of we ons hier wel thuis zouden gaan voelen. Of het nou echt zo leuk was als ik van tevoren had bedacht. Nou, je begrijpt wel wat ik bedoel. En als het na dat jaar allemaal niks zou zijn hadden we een retourticket. Konden we gewoon naar huis.
Meer ontboezemingen? Vond het verschrikkelijk hier. Heb de hitte en die palmbomen vervloekt. Heb me werkelijk afgevraagd wat ik hier in vredesnaam doe. Waar was dit nou voor nodig?
Maar nu, die ene seconde dat ik me realiseer dat we dinsdag alleen maar in de rij hoeven te gaan staan, en als vanzelf naar Nederland worden geleid, schrik ik enorm. Mijn eerste gedachte? Hoe kom ik dan in hemelsnaam weer thuis? Nou, die kwam even heel hard binnen.
Vier dagen later zit ik op een mooi terras in de tropische zon. Een tikkie geëmotioneerd, dat dan weer wel. Ik ben een watje, kom er rond voor uit. We hebben de Borgoe-cola’s aan laten slepen en onderwijl heb ik de klok goed in de gaten gehouden. Boarding now. Fasten seatbelts.
En om tien voor zes, terwijl de blauwe vogel het luchtruim verkoos, een traantje weggepinkt en geproost op een goede vlucht. Maar zonder ons. Want uiteindelijk is Paramaribo “thuis” geworden en Suriname ook voor ons: Switi Sranan!
Deze week schrijft Switi Sranan blogs voor De Telegraaf. Lees De Telegraaf van vandaag.




























