Met de bus in Suriname

Hoewel openbaar vervoer in Suriname aanwezig is, is het wel eventjes uitvogelen hoe daar gebruik van te maken. Wij van de generatie cyberkids trekken direct iPhone, of de hier in Suriname immens populaire Blackberry uit de tas om snel even te zoeken naar wat we dan ook willen weten. Dat werkt hier niet. Hoewel Suriname steeds meer online is, je kunt het allemaal maar erg moeilijk vinden. Het hoofdstuk SEO hebben nog niet veel mensen gelezen denk ik. Dus de methode “vraag-het-iemand” werkt hier het best.

Openbaar vervoer is niet helemaal de juiste omschrijving. In Paramaribo rijden namelijk twee soorten bussen. Je hebt de lantibussen, staatsbussen, en je hebt particuliere bussen. Staatsbussen rijden op een tijdschema, particuliere bussen vertrekken van hun standplaats wanneer ze vol zijn. Maar welke bus je ook neemt, het is nooit saai .

Ten eerste wordt je vaak getracteerd op kneiterharde reggaemuziek. Vaak zo hard dat je een telefoontje onder weg wel kunt vergeten. Roken in de bus is trouwens geen probleem. Er zijn er niet veel die het doen,, maar als het gebeurt zegt niemand er iets van. Men kijkt niet eens op.

Versnaperingen mee? Is goed, geen punt. Hier geen stickers op de deur dat je niet mag eten en drinken. Kijk je links drinkt iemand schaafijs, rechts zit je buurvrouw een roti te eten. Achter je smult iemand van zijn Tjauw Min, en zelf krijg je een knorrende maag van al die etensluchten. Want het ruikt allemaal heerlijk.

Boodschappen doen in de bus? Tuurlijk. Laatst stapte er een dame in met een grote teil op haar hoofd, gevuld met groente. Terwijl ze naar haar plaats liep verkocht ze en passant aan de medepassagiers nog een paar bosjes bitawiwiri( spreek uit: bietà-wierie). Briljant.

Maar het mooiste was dit. Laatst stapte ik in Paramaribo Noord in de bus. Meestal is de bus toch zeker wel half vol, maar deze keer was ik de enige. Ik zocht een bankje uit. De chauffeur reed niet meteen weg, maar keek achterom en vroeg: “Mevrouw, zit u wel goed daar?” Ik was even verbaasd dat de buschauffeur zo begaan was met mijn zitcomfort Ik bedoel, nog nooit heeft een conducteur van de NS mij gevraagd of ik wel prettig zit.

Ik beloonde zijn vriendelijkheid met een glimlach en zei “Ja hoor, ik zit goed. Dank u wel.” De bus begon te rijden, maar niet veel later keek de beste man in zijn achteruitkijkspiegel en zei: “U mag ook voorin komen zitten als u dat prettiger vind. Dan stop ik even de bus.” Nou, wil je dat geloven? En wie zegt dat Surinamers niet service gericht zijn?

Maar ik heb natuurlijk vriendelijk bedankt. Ja, je wilt zo’n man toch niet lastig vallen, dan moet hij de bus helemaal stoppen zodat ik me van stoel kan verplaatsen. Maar twee straten verder begreep ik eindelijk de hint toen de man zei: “Want het is rustig toch? Als u hier komt zitten kunnen we even babbelen.” Ik glimlachte nogmaals, accepteerde het aanbod en ging voorin zitten naast de buschauffeur.

Dit soort gezelligheid maak je in Nederland niet snel mee. Ja, in Amsterdam soms. Die kunnen ook wel gezellig zijn. Terwijl we verder reden vroeg de goede man of ik naar de stad ging. De stad is de eindhalte van elke lantibus. Nadat ik bevestigend had geantwoord zei hij: “Oké. Dat is goed, dan neem ik even een snellere weg.”

Ik geloof niet dat de beste man mijn verbazing heeft opgemerkt. Een snellere weg? Hoezo een snellere weg? Een bus heeft toch een vaste route? En langs die route staan toch mensen die ook met de bus mee willen? Dat kan toch niet?

Fout. A kan! Het kan! En ik heb er niets over gezegd. Ik ben namelijk druk bezig met inburgeren. Of uitburgeren, hoe je het ook wilt noemen. Ik heb mensen weleens horen zeggen, bij God en in Suriname is alles  mogelijk. En ik begin het steeds meer te geloven.

 

Schema Staatsbussen Nationaal Vervoer Bedrijf

GDE Fout: Niet in staat om de profiel instellingen te laden

Schema Particuliere bussen

GDE Fout: Niet in staat om de profiel instellingen te laden

White Beach Waterpark Low Budget

De typisch Surinaamse manier van chillen is naar een van de vele recreatieplaatsen aan het water gaan. In bikini, badpak of zwembroek, kijken naar de ruisende palmbomen, lekker zwemmen, tropisch warm met een lekker windje, liggen in een hangmat. Klinkt ook niet verkeerd toch?

Vind ik ook. En dat is hier in Suriname dus doodnormaal. Waar we normaal vaak een jaar op moeten teren, kan hier elke week. Je gaat gepakt en gezakt, neemt van alles mee. Grote koelbox, onderweg kun je die met ijsblokjes laten vullen voor een paar srd. Eten neem je ook mee. Zelfgemaakt, of nou ja, door je tante die zo verschrikkelijk lekker kan koken. Of zelf gekocht, ook prima. Hangmat mee en gaan.

Surinamers gaan meestal met familie. In groten getale rijden ze heen met auto’s of huren een bus. Of twee. Toeristen boeken een trip via een van de vele touroperators hier. Voor zo’n 45,- euro per persoon boek je zo’n georganiseerde bustrip.

Maar wat als je geld zo’n beetje op is en je hebt nog een stukje maand over? Of je hebt geen auto zoals wij, niemand anders gaat en je wilt toch heen voor niet teveel? Dan kun je low budget met de bus. Het enige recreatieoord dat je met de bus kunt bereiken, voor zover ik weet, is White Beach. But hey, dat is geen straf!

(Nou, dat zijn er dus twee, je kunt ook naar Waterpark. En daarmee hebben wij dus al kennis gemaakt. Zonder het te weten weliswaar. Waterpark en White Beach liggen dus naast elkaar. Was vroeger één, maar “in goed gezamenlijk overleg” gesplitst. En dus bleek maanden later dat wij helemaal niet bij White Beach zijn geweest maar bij Waterpark. Inmiddels hebben we White Beach ook gezien. Maar daarover een andere keer meer”)

White Beach ligt iets voorbij Domburg, en heeft zoals de naam al doet vermoeden een prachtig wit strand (en Waterpark dus ook…). Opgespoten weliswaar want Suriname kent geen zandstranden. Wel een heleboel modder. Toko toko (spreek uit. tokko tokko) heet dat zo mooi.

En dus togen wij om 8.40 uur met handdoeken, badkleding, een voetbal, boekje voor iedereen, een grote fles water, boterhammen en een zakje chips naar de bus. De bus, een lantibus, kost 0,85 srd per persoon. Aangekomen bij het busstation op de Heiligeweg loop je een klein stukje verder naar de PDP bus. Paramaribo-Domburg-Paramaribo. Deze vertrekt ook vanaf de Heiligeweg en kost 2,45 srd per persoon. Één héél klein puntje, de bus vertrekt zodra hij vol is. En dat kan eventjes duren.

Maar goed, na zo’n drie kwartier wachten gaat hij uiteindelijk en vangt de reis naar Domburg aan. Onderweg veel te zien, vooral als je de stad verlaat doet de aanblik denken aan het Suriname zoals ik het uit mijn jeugd ken. Eenvoudige houten huizen met een groot erf, vol met fruitbomen. Wegen van zand. Alles met een beslist eenvoudige maar gezellige sfeer.

Op een gegeven moment, als we parallel aan de Surinamerivier rijden verandert de setting. Hier zie je schitterende huizen, paleizen bijna. Groot, groter, grootst. Vergeet Vinkeveen, vergeet de Loosdrechtse Plassen. Denk Beverly Hills sur mer! Ook dat is Suriname.

Tegen elf uur komen we aan. Voor mezelf en twee kinderen betaal ik 20 srd entree. We lopen naar het strandje waar strandhutten en parasols staan. Een strandhut heb je vanaf 60 srd, perfect om je hangmat in op te hangen. We nemen vandaag echter de low budget parasol met bankjes. Die is gratis.

Nou, de rest van de dag laat zich raden. We hebben heerlijk gezwommen,, geluierd, gespeeld in het water, zandkastelen gebouwd, ga zo maar door. Just a perfect day!

Terug zijn we gegaan met de lantibus. De PDP vertrekt namelijk niet later dan 15.00 uur terug naar de stad. De lantibus naar Paramaribo komt uit de richting van Domburg en is er zo rond 18.00 uur, maar je doet er goed aan om vanaf 17.30 uur aan de weg te staan. Zodat je hem niet mist. De lantibus kost 1,65 srd per persoon.

Alles bij elkaar komt dat op 34,85 srd. Dat is ongeveer 7,75 euro. Ga je wel met de auto, dan neem je vanuit Paramaribo de Highway. De Martin Luther Kingweg rij je af. Na ongeveer drie kwartier kom je bij Paranam. Net daarvoor neem je de weg naar links. Na een paar minuten rijden zie je White Beach (en Waterpark!) aan je rechterzijde.