Bij God en in Suriname is alles mogelijk

Het is een gevleugelde uitspraak die al meer dan honderd jaar oud is, maar je ook nu nog regelmatig hoort. Bij God en in Suriname is alles mogelijk. En ik geloof het inmiddels. Absoluut. I am a believer!

Sinds ik hier in Suriname ben zijn er bijzondere ontmoetingen geweest. Vreemd genoeg blijkt het zo te zijn dat Paramaribo een stuk makkelijker te bereiken is voor sommigen dan Hilversum. Niet altijd logisch, maar ja, logisch only goes that far. Ontmoetingen met mensen uit het heden maar ook uit het verleden. De één ligt voor de hand, de ander wat minder. Maar ze zijn er. It happens.

En dat blijkt niet alleen bij mij zo te zijn. Een paar weken geleden was Morris hier. Morris ken ik al sinds de dag dat hij geboren is, nu bijna vijftien jaar geleden. Hij is de zoon van een van mijn beste vriendinnen, and we go back a long time! En zij was er natuurlijk ook, Oh glory!

Als je zo lang bevriend bent als wij, ken je alle fases van elkaars leven. De good and the bad, the happy and the sad. Je hebt samen gelachen en gehuild. En gefeest. Laten we dat niet vergeten. Want dat kunnen we ook heel goed.

In het leven kruisen onze paden. Je loopt met elkaar een stukje op, met de één kort, met de ander lang. En soms blijvend. Then it’s all about the bond that never breaks. En dan blijkt soms dat fysieke afstand werkelijk geen enkel verschil maakt om dicht bij elkaar te zijn.

Maar nu hadden we die fysieke afstand toch gelaten voor wat hij is en waren ze hier.  In Suriname! Eerst zijn we natuurlijk brullend in elkaars armen gevallen en hebben enorm staan huilen. Ik heb geloof ik al zo’n reputatie hier opgebouwd, dat security op Zanderij al geen moeite meer doet om me te manen even aan de kant te gaan voor de andere passagiers. Ze zijn mijn huilpartijen al redelijk gewend. Want ja, ik ben en blijf een watje. Kom er rond voor uit.

Maar ’s avonds op het balkon zegt Morris opeens: “Nou, weet je wie ook naar Suriname komt? Jim!” Verbaasd zitten we te kijken. Jim is namelijk zijn boezemvriend van de lagere school, toen ze nog in Amsterdam woonden. Ik ken Jim ook nog wel, hoewel ik hem niet meer had herkend. Zijn nog  gaan zwemmen met die knullen vroeger, in het Vondelpark

Wat een toeval! Alsof dat bestaat. Nou dan moeten we afspreken. Jee wat leuk, misschien kunnen we dit weekend zwemmen samen. Maar een beetje beduusd waren we wel. Morris en Jim hebben elkaar al meer dan vier jaar niet gezien. Hebben wel Facebookcontact, maar verder dan de intentie elkaar te ontmoeten was het nog niet gekomen.

De volgende morgen wordt het nog  gekker. “Nou, je raadt nooit waar Jim naar toe gaat. Hij komt hier in de straat!” Daar raken we wel even sprakeloos van. Om vervolgens beide als een waterval het ene na het andere verzoek om informatie naar Nederland te sturen.

Waar dan denk ik, en ga in gedachte alle opties langs. Ik bedenk me dat het appartement hier beneden inderdaad is vrijgekomen. Druppelsgewijs komt de informatie binnen. Benedenwoning, check. Niet heel groot, check. Er is wifi, check. Maar het nummer weten ze niet.. Het zal toch niet?

Maar binnen een kwartier is daar het verlossende woord. Het zal toch wel!  Jim komt hier! Bij ons! Nou ja, onder ons. En dan zijn ze opeens een hele week samen. Wat in Nederland niet lukte, lukt in Suriname als vanzelf.

Alsof de tijd heeft stilgestaan pakken ze het op waar ze gebleven waren. Jim, al veertien jaar niet meer in Suriname geweest, Morris hier voor de eerste keer. Soms kruisen paden dus meer dan eens. Zeker in Su, zo is wederom bewezen. Want bij God en in Suriname, is álles mogelijk! Alles!

ilse-in-switi-sranan

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>