Lekker!

In Suriname is het eten geweldig. Echt waar. Nu is het inderdaad zo dat je in Nederland hetzelfde Surinaamse eten kunt krijgen, maar het smaakt hier toch net iets beter. Geuren zijn sterker, de smaak intenser. Maar toch is er weleens een momentje dat je gewoon eventjes genoeg bami hebt gehad. Snap volledig dat het aan de andere kant van de plas moeilijk voor te stellen is, maar heus. Het is zo. Enough is enough.

En wat doe je dan? Nou, één van mijn favoriete spots is Lekker! En die naam is prima gekozen, het is inderdaad lekker. Graag kom ik er voor mijn koffie verkeerd, hij is precies zoals ik hem graag heb.

Je kunt hier prima lunchen Met eenvoudige maar lekkere tosti’s of een uitstekend belegd broodje. Panini’s, pistoletjes, ciabatta, bruin, wit, meergranen, wat je maar wilt. Je kunt gaan voor Hollands glorie. Gehaktbal en uitsmijter, maar er zijn ook broodjes met gerookte bang bang of lekkere geitenkaas. En die met carpaccio is dan toch wel weer heel erg lekker. Quiches, salades en soep hebben ze ook.

Hippe inrichting, lekkere tafels, prima bank aan de wand, wifi (!), en tijdschriften. Een wand vol en ze zijn er allemaal. Happinez, Linda, VT Wonen, nou, je kunt je hart ophalen. Ook voor een business meet kom ik hier graag, en ik ben niet de enige.

Er zijn twee vestigingen in Paramaribo. Ik ga altijd in de Johannes Mungrastraat, maar er is er ook eentje in het centrum, in de Van Sommelsdijckstraat. Het is meestal gezellig druk, bediening vlot en vriendelijk. Erg prettig. Binnen airco maar wil je het tropische gevoel niet kwijt is er buiten een prima terras.

Voor ik het vergeet, ze hebben ook een vitrine vol met kaas en, niet geheel onbelangrijk, erg lekkere wijnen. Als je gaat grote kans dat je we elkaar tegenkomen.

Lekker!
Johannes Mungrastraat 8, Paramaribo
maandag t/m vrijdag 7.30 uur – 16.00 uur, zaterdag 7.30 uur – 17.00 uur

Van Sommelsdijckstraat 22, Paramaribo
maandag t/m zaterdag 8.00 uur – 20.00 uur

ilse-in-switi-sranan

Ik ga dood om jullie hoofd

Wij halfjes, half Surinaams en half Nederlands, leven in twee werelden. Het ene deel in Nederland, het andere in Suriname, en de verhoudingen verschillen nog wel eens. Nou ja, laat ik niet generaliseren en voor mezelf spreken. Hoe dan ook, het maakt dat ik me in Nederland zwart voel, en in Suriname wit. Op zich niks mis mee, dat is hoe het is.

Het maakt ook dat je gaat vergelijken. Of je nu wilt of niet, het gebeurt. En aan de ene kant zijn heel veel dingen hetzelfde. Maar net op het moment dat je dat denkt, is dat juist ook weer helemaal niet zo.

Opgegroeid in het noorden van Nederland is het toch zo dat het beeld dat ik van Suriname had heb moeten bijstellen. Het ligt allemaal een stuk genuanceerder dan je in eerste instantie denkt, misschien ook wel ingewikkelder, gecompliceerder. Maar niet minder mooi.

Een van de mooiste films om een misschien wat minder bekende kant van Suriname te zien is de documentaire over Edgar Cairo. Ik zou zeggen neem er de tijd voor, het duurt ook wel even, maar kijk naar een van de vele gezichten die Suriname heeft.

Edgar Cairo, Ik ga dood om jullie hoofd.

ilse-in-switi-sranan

Surinaams koken voor Dummies: Bami

Hoewel Surinaams eten mij met de paplepel is ingegoten, kan ik het zelf niet maken. Dat heeft een eenvoudige reden. Moeders is een schat, maar in de keuken werden wij niet geduld.

Nu heb ik later zelf natuurlijk wel wat geprobeerd, en voor vrienden in Nederland zet ik zonder enige gêne de borden op tafel. Wanneer ze me complimenteren over het resultaat geef ik met een bevestigend knikje blijk dat ik het volstrekt met hun bewondering voor mijn kookkunsten eens ben, en ik bedank ze zelfverzekerd. Maar als ik voor een kondreman Surinaams moet koken, wordt ik lichtelijk nerveus.

Toch is het me gelukt een paar trucjes onder de knie te krijgen. En mijn geheimen ga ik met je delen. We doen het stap voor stap. Let op, het is natuurlijk niet een Surinaams culinair hoogstandje. Je moet het meer zien als Surinaams koken voor Dummies. Deze keer bami. Hier komt ‘ie.

Bami, 4 personen
Benodigdheden:
1 ui
3 teentjes knoflook
3 eetlepels zonnebloemolie
6 eetlepels Black soy sauce (Als je in NL bent, Meechun sojasaus kun je gewoon bij AH krijgen)
1 pak bami, liefst Surinaamse (In NL bij de toko)
stukje gember zo groot als je duim of eetlepel gemberpoeder
eetlepel suiker of als je liever geen suiker gebruikt het equivalent aan stevia
zout, eventueel een takje bladselderij

Kook de bami volgens de gebruiksaanwijzing, afgieten en goed met koud water spoelen totdat de bami helemaal koud is. Goed uit laten lekken.

In een staafmixerbakje doe je de ui, knoflook, gember en de helft van de olie. Fijnmalen tot het een papje is geworden. Ons bakje is nog in de opslag, dus voor ons vandaag het ouderwetse handwerk (en dan is het eerst ui zachtjes bakken, als het lichtbruin kleurt knoflook erbij persen, gemberpoeder of verse geraspte gember erbij).


Dan in een grote pan het uienmengsel zachtjes bakken, af en toe roeren, tot het lichtbruin begint te kleuren. Dan gaat de sojasaus erbij. Dat laat je dan zachtjes inkoken totdat het een stroperig goedje wordt. Suiker (of in mijn geval stevia) erbij en klaar. Wel nog even kijken of je nog wat zout “moet zetten”.

Je mengt nu de uitgelekte bami door de saus en verwarmt het zo. Done! Foolproof! Als je het lekker vindt een heel fijngehakt takje bladselderij er bij.


Je kunt het eten met kip, sateh, gebakken banaan, komkommerzuur, pindasambal of gewone pindasaus, ga zo maar door.

Nyan switi!
ilse-in-switi-sranan

Owru Yari

Hoewel ik al vaker tijdens de jaarwisseling in Paramaribo was, ben ik nooit eerder de binnenstad in geweest voor de oudejaarsviering. Owru Yari. Eigenlijk was ik ook deze keer niet van plan te gaan, maar een oom van me had me op het hart gedrukt dat we daar echt naar toe moesten gaan. Was gezellig zei hij. Moest je tenminste één keer meegemaakt hebben.

Nu had ik dat inderdaad al eens gelezen bij CNN. Een aantal jaar geleden werd Paramaribo in één adem genoemd met Barcelona en Rio de Janeiro als een van de meest fantastische  plekken om de jaarwisseling te vieren. En ook dit jaar kregen we weer een vermelding  Dus oké dacht ik. Laten we gaan.

Om twaalf uur ‘s ochtends moesten we er zijn was ons verteld. In de Domineestraat begint dan de pagarra-estafette . En inderdaad. De ene na de andere mat van ik denk makkelijk twintig meter lang wordt uitgerold en aangestoken. Begeleid door agenten en militairen met oogbescherming op, mondkapjes voor en doppen in de oren.

Al snel begrijp ik waarom. Mijn god, wat een knallen. Je trommelvliezen barsten bijna je oren uit. En die kruitdampen. Mi gado! Agenten gebaren naar ons dat we de vingers in de oren moeten stoppen en de mond dicht moeten houden. Maar wat een lekker gevoel in je buik! Steek de volgende maar weer aan.

Zo sta ik een poosje te kijken. Naar de matten, naar de mensen, de agenten. Ik kijk links en rechts en neem de straat eigenlijk nu pas goed in me op. Hier en daar staat een buitenbar waar het bier zonder problemen zijn bestemming vindt. Er worden satés gegrild en bami verkocht.

 

Er zijn podia met bandjes, en aan het publiek dat helemaal uit zijn dak gaat is af te lezen dat ze erg populair zijn. Brassbands lopen langs met vooraan een peloton van mooie exotische dames, die onvermoeibaar doordansen op het opzwepende ritme. Enigszins observerend sla ik het tafereel gade.

Maar dan opeens slaat ‘ie in. Het is net Konninginnedag realiseer ik me. Nou, niet helemaal, want als je rond kijkt zie je nergens oranje geklede idioten en ook ik heb m’n oranje jurkje niet aan. Nee dat is het niet. Maar die vibe! Dat is Koninginnedag! Kan het niet beter omschrijven. Of jawel, koninginnenacht! Maar dan voordat meneer Patijn, niet gehinderd door enig gevoel voor gezelligheid, besloot dat we dat niet meer mochten doen in Amsterdam.

Er komt een lach op m’n gezicht van oor tot oor, en hij gaat er niet meer af. Het is net of ik weer op het Spui sta. Ergens bij Hoppe of Dante, zoiets. Ik geef me over aan de flow, koop een Parbo Chiller bij een leuke dame met koelbox, en ga kopje onder in het feestgedruis.

Nanga wan hiep hiep hiep….. Huray!!!

Wan bun Nyun Yari!